Voldoen aan de beweegrichtlijnen 2017

Aantal keer bekeken: 1969, Laatst gewijzigd: maandag, 22 juli 2019

Bewegen is goed, meer bewegen is beter

Veel bewegen heeft positieve effecten op de gezondheid; direct door een lager risico op hart en vaatziekten, borstkanker, dikke darmkanker, diabetes en depressie. Indirect door vermindering van overgewicht, lagere bloeddruk en een lager vetpercentage. Bij ouderen hangt bewegen daarnaast samen met een lager risico op dementie, cognitieve achteruitgang en lichamelijke beperkingen. Ouderen die meer bewegen hebben ook meer spierkracht, een hogere loopsnelheid en minder risico op botbreuken. Regelmatig matig intensief bewegen waardoor de ademhaling versnelt en het hart sneller gaat kloppen, zoals bij stevig wandelen of fietsen, kan daar al aan bijdragen. Ook sporten is gezond, vaker en intensiever bewegen levert namelijk meer gezondheidsvoordelen op.

In 2017 zijn door de Gezondheidsraad nieuwe beweegrichtlijnen vastgesteld, waarbij geldt: bewegen is goed en meer bewegen nog beter. Veel stilzitten wordt afgeraden. Volwassenen voldoen aan de beweegrichtlijnen wanneer zij verspreid over de week minimaal 150 minuten matig of zwaar intensief bewegen en minimaal twee keer per week spier- en botversterkende activiteiten doen. Om aan de beweegrichtlijnen te voldoen moeten ouderen deze spier- en botversterkende activiteiten combineren met balansoefeningen, zoals op één been staan of iets van de grond oppakken. Spierversterkende activiteiten zijn activiteiten gericht op het verbeteren van kracht, omvang en (duur)vermogen van de skeletspieren, bijvoorbeeld fietsen of krachttraining met gewichten. Botversterkende activiteiten belasten het lichaam met het eigen lichaamsgewicht, zoals bij springen of traplopen.

In Hollands Midden voldoet 54% van de inwoners van 19 jaar en ouder aan de beweegrichtlijnen, 58% van de inwoners van 19 t/m 64 jaar en 39% van de ouderen. Landelijk voldoet men minder vaak aan de beweegrichtlijnen (52% van 19+, 56% van 19 t/m 64 en 37% van 65+).

Ga voor de oude beweegnormen naar de pagina Voldoen aan de Nederlandse Norm Gezond Bewegen en de Fitnorm.

Leeftijd en geslacht
Gemeenten
Achtergrondkenmerken 

Naarmate inwoners ouder worden voldoen zij minder vaak aan de beweegrichtlijnen

Naarmate inwoners van Hollands Midden ouder worden voldoen zij minder vaak aan de beweegrichtlijnen. Bijna drie kwart van de inwoners van 19 t/m 24 jaar voldoet (73%) en ruim de helft van de inwoners van 65 t/m 69 jaar (52%), daarna daalt dit snel. Zowel het percentage inwoners dat wekelijks minimaal 150 minuten matig intensief beweegt als het percentage dat bot- en spierversterkende oefeningen doet neemt vanaf 70 jaar sneller af. Tot 35 jaar is het percentage mannen en vrouwen dat voldoet ongeveer gelijk, daarna zijn er verschillen tussen mannen en vrouwen. Tussen 35 en 60 jaar voldoen vrouwen vaker aan de richtlijnen dan mannen, daarna voldoen mannen vaker.

Voldoet aan beweegrichtlijnen 2017 afbeelding1

In Krimpenerwaard, Nieuwkoop, Waddinxveen en Zuidplas voldoet minder dan de helft van de inwoners aan de beweegrichtlijnen

In Krimpenerwaard, Nieuwkoop, Waddinxveen en Zuidplas voldoet minder dan de helft van de inwoners aan de beweegrichtlijnen. Dat is relatief weinig vergeleken met andere gemeenten in Hollands Midden. Inwoners van Voorschoten, Zoeterwoude, Oegstgeest en Leiden voldoen het vaakst aan de beweegrichtlijnen.

Voldoet aan beweegrichtlijnen 2017 afbeelding2

Laagopgeleiden voldoen minder vaak aan de beweegrichtlijnen

Laagopgeleiden voldoen minder vaak aan de beweegrichtlijnen dan hoger opgeleiden. Hoe hoger het opleidingsniveau, hoe hoger het percentage dat voldoet aan de richtlijnen. Van de inwoners die alleen het basisonderwijs volgden voldoet een derde (33%), van de inwoners met een mavo of lbo opleiding 43% en van de havo/vwo/mbo opgeleiden 57%. Hbo- en wo-opgeleiden voldoen het vaakst (61%).

Ouderen met een niet-westerse migratieachtergrond voldoen minder vaak aan de beweegrichtlijnen

Ouderen met een niet-westerse migratieachtergrond voldoen minder vaak aan de beweegrichtlijnen (28%) dan ouderen met een westerse of Nederlandse achtergrond (41% en 39%). Bij inwoners van 19 t/m 64 jaar zijn geen verschillen naar etniciteit voor het voldoen aan de beweegrichtlijnen.

Inwoners die samenwonen en geen kinderen hebben voldoen het minst vaak aan de beweegrichtlijnen (19 t/m 64)

Inwoners van 19 t/m 64 jaar die samen wonen met hun partner en geen kinderen hebben, voldoen het minst vaak aan de beweegrichtlijnen (55%). Inwoners die bij hun ouders wonen (66%) of samenwonen met andere volwassenen (69%) voldoen het vaakst. Dit komt doordat zij vaak jonger zijn.

Gehuwde ouderen voldoen het vaakst aan de beweegrichtlijnen (65+)

Gehuwde ouderen voldoen het vaakst aan de beweegrichtlijnen (44%). Ouderen die nooit gehuwd zijn geweest (30%) en weduwen/weduwnaars voldoen minder vaak (26%). 

Minder dan de helft van de werklozen, arbeidsongeschikten en inwoners in de bijstand voldoet aan de beweegrichtlijnen (19 t/m 64)

Minder dan de helft (45%) van de werklozen, arbeidsongeschikten en inwoners in de bijstand voldoet aan de beweegrichtlijnen, dit is minder vaak dan andere werksituaties. Inwoners in opleiding voldoen het vaakst (81%).

Inwoners die moeite hebben met rondkomen voldoen minder vaak aan de beweegrichtlijnen

Inwoners die moeite hebben met rondkomen voldoen minder vaak aan de beweegrichtlijnen (49%) dan inwoners die geen moeite hebben met rondkomen (55%).

%MCEPASTEBIN%
Deel deze pagina
Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn

Contactinformatie