Langdurige aandoeningen

Aantal keer bekeken: 1879, Laatst gewijzigd: maandag, 22 juli 2019

Langdurige aandoeningen zijn (chronische) ziekten of aandoeningen waar mensen ten minste zes maanden last van hebben. Van de inwoners van Hollands Midden heeft 35% één of meerdere langdurige aandoeningen; de helft van de 65-plussers en bijna een derde van de 19 t/m 64 jarigen (31%). 19 t/m 64 jarigen uit Hollands Midden hebben iets vaker een langdurige aandoening dan inwoners uit andere regio’s in Nederland (29%). Bij 65-plussers komt het percentage overeen met het landelijk percentage.

Leeftijd en geslacht
Gemeenten
Trends
Achtergrondkenmerken
Verdieping

Vrouwen hebben vaker langdurige aandoeningen dan mannen

Vrouwen hebben gemiddeld vaker langdurige aandoeningen dan mannen. Het percentage inwoners dat langdurige aandoeningen heeft stijgt met toenemende leeftijd van 21% bij 19-24 jarigen tot 62% bij inwoners van 90 jaar en ouder.

Langdurige aandoeningen afbeelding 1

Percentage 19 t/m 64 jarigen met langdurige aandoeningen het laagst in Teylingen

Vergeleken met andere gemeenten in de regio wonen in Teylingen minder 19 t/m 64 jarigen met langdurige aandoeningen.

Langdurige aandoeningen afbeelding 2

Relatief veel 65-plussers met langdurige aandoeningen in Gouda, Oegstgeest en Leiden

Bij 65-plussers zijn er meer verschillen tussen gemeenten dan bij 19 t/m 64 jarigen. In Gouda, Oegstgeest en Leiden hebben relatief veel 65-plussers een langdurige aandoening. Hetzelfde geldt voor Leiderdorp, maar dit verschil is niet significant. In Zoeterwoude, Kaag-en Braassem en de Krimpenerwaard hebben relatief weinig 65-plussers een langdurige aandoening.

Langdurige aandoeningen afbeelding 3

Geen trend

In 2016 is op een andere manier naar langdurige aandoeningen gevraagd dan voorheen, daarom zijn er geen trendcijfers.

Laagopgeleiden hebben vaker langdurige aandoeningen

Laagopgeleide inwoners van Hollands Midden hebben vaker langdurige aandoeningen dan hoogopgeleiden. Dit verschil geldt zowel voor 19 t/m 64 jarigen als voor 65-plussers, maar op oudere leeftijd zijn de verschillen minder groot.

langdurige aandoeningen afbeelding 4

Niet-westerse inwoners hebben vaker langdurige aandoeningen

Inwoners van Hollands Midden met een niet-westerse migratieachtergrond hebben vaker langdurige aandoeningen dan inwoners met een westerse of autochtone achtergrond. Bij 19 t/m 64 jarigen heeft 36% van de niet-westerse migranten een langdurige aandoening, bij de 65-plussers is dit bijna twee derde (63 %).

langdurige aandoeningen afbeelding 5

Alleenstaanden hebben het vaakst langdurige aandoeningen (19 t/m 64 jaar)

Vergeleken met inwoners die met anderen wonen, hebben alleenstaanden van 19 t/m 64 jaar het vaakst langdurige aandoeningen (39%). Ook stellen die samen wonen met hun partner, maar geen thuiswonende kinderen hebben, hebben relatief vaak een langdurige aandoening (36%). Stellen met thuiswonende kinderen daarentegen hebben minder vaak langdurige aandoeningen (26%). Inwoners die bij hun ouders wonen hebben het minst vaak langdurige aandoeningen (21%), maar dit wordt verklaard door hun jongere leeftijd.

Minder langdurige aandoeningen bij gehuwde 65-plussers

65-plussers die gehuwd zijn hebben het minst vaak langdurige aandoeningen (48%) vergeleken met
65-plussers die niet gehuwd (55%), gescheiden (55%) of verweduwd zijn (54%). Bij weduwen/weduwnaars wordt het hogere percentage aandoeningen verklaard door de gemiddeld hogere leeftijd van deze groep.

Meer dan twee derde van de werklozen, arbeidsongeschikten en inwoners in de bijstand heeft een langdurige aandoening (19 t/m 64 jaar)

Meer dan twee derde van de 19 t/m 64 jarigen die werkloos of arbeidsongeschikt zijn of in de bijstand leven heeft een langdurige aandoening. Ook bij gepensioneerden is het percentage relatief hoog (45%). Dit komt door hun hogere leeftijd. Bij huisvrouwen/huismannen is het percentage inwoners met aandoeningen eveneens hoger (39%). Inwoners met betaald werk (26%) en inwoners in opleiding (22%) hebben minder vaak langdurige aandoeningen. Bij de laatste groep is dit vanwege hun jongere leeftijd.

Inwoners van Hollands Midden die moeite hebben met rondkomen hebben vaker langdurige aandoeningen

Inwoners van Hollands Midden die moeite hebben met rondkomen hebben vaker langdurige aandoeningen dan inwoners die daar geen moeite mee hebben. Dit geldt zowel voor 19 t/m 64 jarigen (48% tegenover 28%) als voor 65-plussers (64% tegenover 48%).

Langdurige aandoeningen niet altijd belemmerend, helft inwoners met langdurige aandoeningen heeft goede ervaren gezondheid

Langdurige aandoeningen zijn niet altijd belemmerend. Ruim een kwart (28%) van de inwoners met langdurige aandoeningen voelt zich helemaal niet belemmerd door problemen met hun gezondheid. Bij inwoners van 19 t/m 64 jaar is dit 31% en bij ouderen 21%. Ook heeft ongeveer de helft van de inwoners met langdurige aandoeningen een goede of zeer goede ervaren gezondheid (55% van de inwoners van 19 t/m 64 jaar en 44% van de ouderen). Van de inwoners met langdurige aandoeningen voelt 15% zich ernstig belemmerd (14% 19 t/m 64 jaar en 17% ouderen).

Het percentage met een hoog risico op een angststoornis of depressie is hoger bij inwoners met een langdurige aandoening (14% bij 19 t/m 64 jaar en 8% bij ouderen) dan bij inwoners die geen langdurige aandoening hebben (3,4% en 1,7% ).

langdurige aandoeningen afbeelding 6